is niet meer..

Vrijdagmiddag loopt hij nog vrolijk naar zijn hok, neemt wat te eten en gaat na een drukke dag lekker in het verse stro liggen. Of er toen iets gebeurd is, weet niemand, maar een beetje stilletjes is hij wel geworden, toen. De volgende dag, zaterdag, is er nog weinig beweging in hem te bespeuren. Niks eten, beetje drinken, maar voor de rest schuilen onder zijn schuildakje. Hij heeft wel vaker zo’n dag dus de verwachting was toen: dat komt wel goed.

Maar dat heeft niet mogen gebeuren. Hij verzwakt eigenlijk met het uur. Het lijkt wel een soort verlamming die op zijn achterpoten slaat en moeizaam en ongecontroleerd gaat hij zitten om weer snel gestrekt te gaan liggen. Een beetje zorgen maken we ons. Zondag maar de spoeddienst bellen en kijken wat er aan het handje is.

Even voor twaalf uur, bijna zondag, een paar korte stuiptrekkingen. Ik haal zijn schuildakje weg en streel zijn koude lichaam. Zijn ijskoude oren voelen niet goed aan. Langzaam voel ik zijn hartslag verdwijnen en blijft hij roerloos onder mijn hand liggen. Nog even een stroom bloed en gal stroomt uit zijn bekje en dan is het einde oefening. Net 4 jaar en nu heeft Valentino besloten om over die beruchte regenboog te springen. Wat miljoenen van zijn soortgenoten al hebben gedaan, doet hij op zaterdag 16 juni 2012 om 23.50. Zijn aardse konijnen leven eindigt hier, maar gaat daar verder.

Hij huppelt nu vrolijk rond in het groenere gras, met nog lekkerdere kruiden, met nog mooiere konijnenmeisjes.

Vier jaar is hij onderdeel geweest van ons huishouden. Die kleine rooie rakker, het baasje met zijn stoere pootjes. Ik zie hem nog staan op de leuning van de bank. Parmantig kijken: dat is allemaal van mij. En zo was het ook.

Nooit meer het rammelen aan zijn hek om aandacht te trekken, vijf uur in de ochtend: ik wil eten. Nooit meer ruzie maken met mijn pantoffel. Nooit meer tussen mijn benen door rennen, een achtje maken: daar heeft Valentino geen konijnenfluisteraar voor nodig. Nooit meer de ‘likes’ en de commentaren op zijn foto’s op flickr.  Geen tweets meer van Valentino. Geen vakantie meer met hem. Geen sjans meer met een paard of de zorgzame Belg die hem uit de regen hield: “awel, iek dacht ik trek Valentino een zwembroekske aan, maar toch besloot ik hem onder den vouwwagen te zetten.”
Nooit meer het “voor Valentino heb ik altijd tijd” van de dierenarts die hem zo bijzonder vond.  Nooit meer het nachtelijke gerommel in zijn hok, strootjes goed leggen, knabbelen van het hooi. Nooit meer het slurpen van het water. Het stampen omdat er een muisje op het balkon rondloopt. Of een verdwaalde vogel. Of gewoon zomaar, omdat hij dat leuk vond. Nooit meer het huis verkennen, het balkon, kijkend naar de ruziemakende rietkip.

Maar,  konijnen zijn rare en vooral tere wezens, zo huppelt hij rond, het volgende moment niet meer: dood. Oorzaak? Kan van alles zijn.

Vanochtend hebben we hem begraven. Een mooie plekje midden in de natuur met zon in de namiddag.

Hoe gaat dat versje ook al weer: treur niet om mij, ik ben niet dood, ik ben er nog. Ik ben de plotse windvlaag in je gezicht. De bliksemschicht aan de hemel, de ster die twinkelt. Ik ben niet dood, ik ben er nog. Ik ben er nog. Altijd.

Valentino Rossi, van het ras Thrianta. Levensverwachting vijf tot zeven jaar. Onze Valentino is vier jaar geworden. Het liefst, het liefst had ik hem nog een tiental jaar bij mij gehouden. Het mocht niet zo zijn.

Dag lieve lieve gekke Valentino. Maak er wat moois van.

valentino bij de dierendokter

Vandaag heeft nijn ook niet al te veel zin in zijn dagelijkse portie korrels (2×25 gram). In de vroege ochtend wil hij graag die bak met korrels bijkans uit mijn handen trekken, maar vandaag geeft hij geen sjoege.
Liever ligt hij de hele dag warm tussen de brokken hooi en stro om af en toe te knabbelen. Op zich goed, immers het darm systeem van een konijn is nogal ingewikkeld en als dat niet meer in beweging is, dan is het snel afgelopen.

Maar van hooi en stro alleen is nog nooit iemand oud geworden om maar te zwijgen van ruiken aan water.
Gelukkig is Valentino een toneelspeler eerste klas en doet alsof er niets aan de hand is als ik ’s avonds thuis kom. Maar wij kennen onze pappenheimers en hij mag in zijn geliefde reiswiegje mee naar de dierendokter.
Er is nog een kreupel hondje voor ons waar het baasje tot drie keer toe uitgelegd moet worden dat het hondje 2 keer per dag 2 tabletten moeten krijgen te beginnen morgenmiddag.
Dat schijnt voor bepaalde mensen erg moeilijk te zijn. Hond sleept zich naar buiten, en de dierendokter ziet Valentino al zitten.

“Valentino mag nu al naar binnen komen hoor,” zegt hij vrolijk. Het voordeel van een idiote naam voor een konijn is dat iedereen weet hoe Valentino eruit ziet. Voordeeltje.
Dokter voelt een beetje, steekt een thermometer in zijn kont, zet een stuk ijzer in zijn bekje, schaaft wat aan zijn kiesjes (“ja hij heeft wel aanleg voor uitgroeisels op zijn kiezen, iets om te noteren”) en vervolgens krijg meneer Rossi een spuit en ik mag hem ook drie keer per dag 1/3 van hetzelfde geven. Immers het darmsysteem mag niet tot stilstand komen.
Plus nog een zak test voer (super duur maar ach het is gratis), Valentino pint 40 euri en de reis naar huis wordt weer aangevangen. Een trein komt voorbij, de streekbus stopt. Het waait hard.
Thuis holt Hij weer door het huis en eet lekker uit zijn eetbak. Dit keer uitsluitend het super dure testvoer.

Het was weer een vermoeiende avond voor nijn. Gelukkig smaakt het water weer een beetje.

Maar of dat genoeg is om de dagelijkse medicamenten te omzeilen. Nee dus. Nijn houdt mij niet voor de gek.

nijn

Vandaag is nijn niet zo in zijn hummetje. Ligt als een doorgewinterde tochtslof in zijn hok en heeft de strootjes comfortabel om zich heen gegooid.
Vandaag is nijn niet zo in zijn hummetje, was hij te druk gisteren? Komt de lente eraan? Wie het weet mag het zeggen; nijn kan niet zo goed schrijven.
Maar als zijn hokje opengaat springt hij er wel uit en spitst zijn oortjes bij een hard of hoog geluid. Zijn neusje wiebelt wiebelt. Zijn oogjes staan helder en zijn zo nijn als wat: een beetje treurig, verdrietig. Alsof hij het altijd erg slecht heeft.
En dan holt hij even door het huis. Het witte pluisje dat als staart functioneert geeft de juiste richting en stroomlijning.
Nijn stopt en staat stoer op zijn te kleine voorpootjes. ‘met mij, Valentino Rossi van Thrianta, is alles prima,’ lijkt hij te zeggen.

Ach, nijn heeft ook recht op een dip-dag. Morgen is hij weer de oude.