beschouwingen beschouwd

In Den Haag was het vergaderpand van de Tweede Kamer de afgelopen week weer het toneel van het jaarlijkse vechtpartijtje tussen de Nederlandse politici.
De begroting van twee duizend en zestien zou moeten besproken worden. Dat gebeurde ook, het woord vijf miljard hebben we een paar keer voorbij horen komen. Een ander nijpend probleem kreeg de overhand: de vluchtelingen dan wel migranten problematiek.

De twee dagen in Den Haag leken wel een een soort wedstrijdje, wie het verst kan plassen: padvinders onder mekaar. Stoere mannen die het verbaal tegen elkaar opnamen. Soms nijdig, soms scherp, soms vilein. En ja ook soms ook met humor. En allen spraken politiek correcte taal; menselijkheid, oorlog, international gemeenschap die faalt, wachten op Europese besluitvorming. En de luitjes in Vak K, glimlachten zuinigjes, vaak loerend op de laptop, smartphone of tablet en zo nu en dan een blik werpend op de spreker. Ja spreker, ik heb maar weinig vrouwelijke sprekers gezien dan wel gehoord!

Maar de man met het geverfde haar voer de boventoon. Gepeperde uitspraken over gesloten grenzen, tsunami’s en op het hoogtepunt kirde hij zelfs het woord ‘nep-parlement’. Zijn mede Kamerleden zijn allemaal politieke watjes die het de bevolking allang niet meer vertegenwoordigen. Vond hij. Hij riep elke burger op te gaan demonstreren tegen opvangcentra, binnenkomst, ontvangstcomités. Hij riep nog net niet op tot burgerlijke ongehoorzaamheid, nee alles moest wel democratisch blijven.

Dat is toch op zich vreemd. Als Hij vindt dat hij onderdeel uitmaakt van een nep-parlement waarom gaat hij dan niet met zijn twaalf kornuiten de barricades op? Maar ja, dat is natuurlijk teveel gevraagd voor iemand die al achttien(!!) jaar het pluche van de Tweede Kamer tot zich neemt. Tel daarbij op de twee miljoen euro per jaar die wij als medelanders meebetalen om Zijn beveiliging te bekostigen. Alleen daarom al kan hij niet de barricades op en laat hij het ‘vuile’ werk liever over aan een ander. Het Volk, dus. Wie noemde hij ook al weer ‘laf’?
Maar hoe hard hij ook riep en roept, tot op heden zijn er geen brandende banden te vinden, geen boomstammen op de weg om al die jongemannen met baarden die zingend door Europa trekken richting Nederland tegen te houden, dan wel een warm welkom te doen toekomen.

Maar zoals het al jaren gaat: het leven gaat gewoon door, de files op de weg, de treinen met vertraging, de weermannen en vrouwen die elke dag verkeerd voorspellen, de sportclub vol fanatieke mensen, de aanbiedingen bij supers. Ogenschijnlijk verandert er niets, er heerst rust in het land.

En dan zie ik ook nog eens dat ons oude kampeermiddel binnen een week een nieuwe eigenaar heeft gekregen. Dat stemt mij vrolijk. Ik moet nog een vijftal maanden wachten eer ik onze eerste Zambezi (een echte tenttrailer dus) in de armen mag sluiten.

Maar wel eerst aanbetalen.

nog meer dan minder

ArtieekelMaanden zat hij opgesloten. Kreeg geen lucht. Geen vrijheid. Kon niet zeggen wat hij wilde schreeuwen. Er was ook geen echte aanleiding. Af en toe een speldenprik via de sociale media. Laf en zo makkelijk.
Maar nu was IETS ERNSTIGS gebeurd. De oorlog was uitgebroken. De oorlog waar hij al zoveel jaren over rept. Die zijn eigen vrijheid inperkt.

Ongeduldig zit hij te wachten. Zijn voet hipt snel op en neer, zijn pen klikt open en dicht. Zijn mobieltje trilt enthousiast. Spanning in zijn lijf. De vrouw roept zijn naam. Hij zucht. Staat op.

De goudgelokte haan loopt naar het spreekgestoelte en begint aan de voor hem geschreven speech. Woorden als dodelijke kakkerlakken slingert hij de zaal in. De schuldigen zitten daar en daar en daar. Dat hij, als goedgebekte spreker, al zoveel jaren onderdeel van hetzelfde kippenhok is, wordt voor het gemak vergeten. Hij ziet de mannen en vrouwen in de zaal angstig kijken. De vertwijfeling in hun ogen, de vraag om wel of juist niet te reageren op zijn dodelijke woorden. De goudgelokte spreker gaat verder over gevaar, haat, geloof, moord en doodslag. Wijst, via de voorzitter, de schuldigen aan. Als geen ander weet hij hoe het spel te spelen. Hij glimlacht als iemand opstaat. De Gevallen Rode Leider Hij mompelt wat in de microfoon. De spreker, hoort hem niet, weet al wat hij gaat zeggen: het is een zieke geest die dat zegt, voorzitter.

De giftige pijlen zijn nog niet op, hij heeft die zes minuten en die zal hij gebruiken ook. Een gristen staat op, jurist van huis uit, en zegt iets over dat de spreker al 10 jaar boos is en dat zal blijven.

“Uw tijd is voorbij, u telt niet meer mee, u bent niets,” antwoordt de spreker. Tevreden kijkt hij rond. Al die sukkels voor hem zijn stil. De inhoud van zijn onderbuik heeft hij uitgekotst. Vandaag was het zijn dag. Zijn momentum.

Hij doet een stap terug, bedankt de voorzitter voor de tijd en waggelt terug naar zijn stoel, die hij al zoveel jaren koestert. Een high-five met zijn speech-schrijver. Zo dodelijk waren zijn woorden nog nooit geweest. Zo succesvol. De kanslozen zullen weer op hem stemmen, al is het maar in de peilingen. Hij laat de anderen uit de zaal spreken en spreken. Hij doet niets, reageert niet op hun woorden. Niet nodig. Ze zijn te min. Niet de moeite waard.
Hij weet dat De Media zijn bijdrage uitgebreidt zal weergeven. Hij grimlacht. Wat de anderen in de zaal ook gaan zeggen, zij zullen geen Radio of Televisie tijd krijgen.

Maar één ding weet hij zeker: echte verantwoordelijkheid zal hij nooit nemen. Gepokt en gemazeld door het systeem weet hij dat hem dat niets zal opleveren.

veel geluk

Wat doet het met je, wanneer je ouders, vol van hippie idealen, naar Zweden trekken en daar leven van wat de natuur te bieden heeft? Liaan heeft er zowel voordeel aan, maar ook nadelen.
De voordelen zijn dat ze snel volwassen is geworden, brutaal is en haar mening niet onder stoelen of banken durft te steken. Maar ze is ook nog een puber. Onzeker over haar zelf, haar ouders, vriendjes, vriendinnetjes, God en Boeddha.

Jacob en Klarissa emigreren met hun dochter Liaan en zoon Thor naar Zweden. Naarmate het boek vordert lijkt het erop dat het meer Jacob’s idee is dan Klarissa’s, haar hang naar een ‘eigen omgeving’ stroken niet met de vrijheid blijheid van de in de jaren zestig en zeventig heersenden hippie cultuur.

Klarissa keert terug naar Nederland, alleen met Liaan, waar ze in diverse kraakpanden wonen om te eindigen in de achterbuurt van Scheveningen.  Liaan kan met geen van de ouders een echte band ontwikkelen, maar dat wil ze wel graag. Een telefoongesprek met Jacob, aan het eind van het boek, is veelzeggend. Hier laat Loontjes haar ware talent bijna zien.

Verhaaltechnisch zit het goed in elkaar, als lezer reis van je het nu naar het toen in bondig geschreven hoofdstukken. Het karakter van Liaan komt goed naar voren, haar gedachten en gevoelens komen zomaar aanwaaien alsof jezelf weer puber bent.

Wat blijft zijn egoistische ouders, die de kinderen redelijk aan hun lot overlaten. Immers de vrije wil wint. Of je de ouders waardeert? Ik niet in iedergeval. Hun grote ego is duidelijk merkbaar en heeft een negatieve invloed op de opgroeiende Liaan.

Het boek boeit van begin tot eind, maar mist net even dat scherpje randje waar je eigenlijk op hoopt dat gaat komen. Het midzomernachtfeest waar naar toe wordt geleefd, laat niet de verwachting uitkomen die je wellicht als lezer verwacht.

Onlangs is Jannah’s tweede roman uitgekomen ‘Hoe Laat Eigenlijk’. En daar ben ik wel nieuwsgierig naar.

Veel geluk
Jannah Loontjes
Uitgever: Prometheus
Prijs: € 16,95
214 bladzijden
ISBN 9789044609561
website Jannah Loontjes