over een ander konijn

27135534054_47532318d8_z(1) Ik ben Giulia.
Ik woon samen met Romeo, mijn mannetje, mijn rammetje.  Net als mijn maatje ben ik nu iets meer dan vier jaar. Da’s een hele leeftijd voor een (tam) konijn. Ik ben het moertje. We hebben geen kleine nijntjes. De mensen hebben iets met ons laten doen om ervoor te zorgen dat we nooit meer  (veel) teveel nageslacht produceren. Want ik kan je vertellen, we houden ervan.
In de echte wilde woeste natuur overleefd natuurlijk maar een een klein aantal het gevaarlijke leven. Buizerds, vossen, mensen, bouwvakkers, honden. Van alles ligt op de loer.
Nu zitten we veilig binnen in ons paleis. Een jezus bak met stro, hooi. Kunnen we lekker knabbelen en boel onder pissen en poepen. Van die lekkere dikke nijnen keutels. De mensen kijken daar graag naar omdat het schijnbaar een goed teken is.
Ik maak graag de buurt onveilig. Zodra ik het paleis verlaat hoor ik haar al roepen: o loeder loopt los. En ja, ik spring graag op de bank. Om er dan achter te komen dat ik er niet meer van af durf te springen. En ja, ik loop graag naar buiten, zet mijn tanden in de overheerlijke lavendel om mij vervolgens twee dagen misselijk, beroerd en kut te voelen. Maar ja, lavendel is zoet en verleidelijk.
Ik heb altijd honger en ik loer dan ook vaak of mijn buddy Romeo zijn eten nog niet op heeft. Ik pak zijn bak dan in mijn bek en trek het naar mij toe. Heerlijk dat extraatje.

Ik vind het heerlijk om boven om mijn mannetje te zitten. Ik ben immers de baas. Maar het is ook genegenheid hoor. Geen idee wat ik zonder hem zou moeten. Het is zo gezellig met hem. Hij laat me zijn wie ik wil zijn. Hij luistert naar me en likt me wanneer het nodig is. Samen zijn we nijngelukkig.
Samen water drinken, samen lekker broeien onder ons knaaghoutje. Ik voel zijn hartje kloppen, zijn aanwezigheid. Hopelijk worden we oud en wijs en als het zover is dan wil ik samen met mijn buddy de regenboog oversteken.
Kwa kleur lijken we op elkaar. Maar het zijn, zoals altijd, de details die ons onderscheiden: Romeo heeft een mooie witte vlek rond de ogen. Ik niet. Mijn vacht en lijf zijn wat steviger. Romeo is slank en sterk. Maar ja, da’s een ram. Daar waar Romeo’s oren recht opstaan, van mij liggen ze vaak plat.
Ik hou van chillen, eten, slapen en onderzoeken. En naast mij hoor ik vaak iets ritmisch. Muziek. Ik vind het leuk. Maakt mij vrolijk. Maar als ik Freek Vonk op de televisie zie moet ik kotsen.

Er komt soms een mens met een apparaat. Hoor ik klik of een zoem geluid. Ik hou er niet van. Ik ben geen ijdeltuit. Zoals Romeo.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *