De smaak van kunst (vieniks 3)

In de mooiste wijk van Nederland (niet de gelukkigste) is er altijd wat. Er zijn heel wat activiteiten waar menig Medelander jaloers op zou kunnen zijn. De maandelijkse open dagen huizen-routes van de lokale makelaardij, bijvoorbeeld. Er zijn zoveel borden ‘te koop’ in de wijk dat het tot kunst verheven is. En nu we het toch over kunst hebben; de mooiste wijk van Nederland ontbeert kunst. De gemeente heeft een aardig bedrag beschikbaar gesteld (naar verluidt honderd vijftig duizend euro) om iemand, die gestudeerd heeft om iets te bedenken wat niemand snapt of juist wel en het daarom Kunst mag noemen, mag ontwerpen.

Zoals altijd in deze vieniks mogen wij meebeslissen. Net zoals wij meebeslist hebben over het parkeerbeleid, de telecommunicatie, het openbaar vervoer, het winkelcentrum. De bewoners mogen een kunstwerk aanwijzen. Het zijn er wel drie ter hoogte van ‘het Hammetje’, een idyllisch waterpartijtje, natuurgebiedje wat door de gemeente voor (vermoedelijk) miljoenen euro’s opgekocht is door een weerbastige eigenaar. De honderdvijftigduizend euro kostende kunstwerk staat dan in schril contrast.

De vaste columnist van het lokale blaadje heeft aan deze vorm van democratie een stukje gewijd. Hij vind de kunstwerken oerlelijk en stelt voor om nog een keuze te geven: geen kunstwerk. Deze gedachte is door Trots Op Nederland, afdeling 033, overgenomen. De lokale politiek heeft hier serieus over gedebatteerd, op zich al schandelijk, en het voorstel werd aangenomen. Omdat de lokale oppositie tot op het bot verdeeld is viel de beslissing in het voordeel van TON uit. Met andere woorden de vieniks kan kiezen uit drie keer niets of helemaal niets: de lokale politiek in optima forma.
Jammer dat de lokale politiek niet snapt dat, wanneer er niets wordt geplaatst, het bedrag gewoon weer in de algemene middelen verdwijnt.

De drie kunstwerken zijn op zich niet slecht. Een groot groen bord, een huis van buizen en een soort van creatieve uitvoering van het onderwerp ‘nederzetting’. Oordeel zelf. En maak je keuze.
Elke kunstenaar heeft zijn eigen omschrijving waarin hun ideeën over het landschap en de wijk tot uitdrukking komen.
Het is een mooi initiatief en met name de inzendingen van Florentijn (alleen om haar naam al) en André spreken mij als vieniks pionier aan.

Maar kunst is smaak, dat heb je of dat heb je niet. De vieniks heeft smaak, want ook dit jaar is er weer ‘de smaak van Vathorst’. De vieniks heeft niet één smaak, maar wel zes. Inderdaad, zes keer per jaar kun je de smaak van de vieniks proeven. Daar waar het merendeel zijn fastfood haalt bij de chinees, McDonald’s of de patatboer, probeert een ander comité je warm te maken voor de culinaire geheimen van de wijk. En die smaak kun je proeven bij vier eetgelegenheden die mijn vieniks biedt. Niets gesubsidieerd, dit keer betaal je alles uit eigen zak. Eten is namelijk geen kunst aan.

Kunst krijg je gratis bij, voor smaak moet je betalen.

Ik zeg: vrolijk Pasen!

vieniks (2)

Er is altijd vraag om meer in de vieniks. Het ultra-moderne en ruim gesorteerde winkelcentrum is nog niet van kleur veranderd of de vraag om een ‘week-markt’ borrelt op. Eerst moest ik googlen wat een ‘week-markt’ is. Blijkt gewoon een markt te zijn, met kramen en mannen met kaas en dooie kippen.

De markt is meestal een gebeurtenis welke één keer per week langskomt. De weg wordt afgezet, de kramen uitgestald, parkeerterrein onbereikbaar. Van vroeg in de ochtend tot net na de middag rijden de visboeren binnen, de bloemisten, de (plof)kipfiletmannen, de kledingstukkenmannen, de groentenboer. En natuurlijk de patatboer. Geen markt, zonder vers gemaakte en gesneden patat frieten. Met hele vette mayonaise. Zo als het hoort.
De vieniks wil ook zo’n weekmarkt, met alles zoals hierboven maar dan met turks, marokkaans of surinaams ervoor. De vieniks is namelijk een exotische plek. Maar met al die afzettingen en onbereikbare kinderdagverblijven (die zijn er erg veel in de vieniks) zal de week-markt met enige scepsis onthaald worden.

En een weekmarkt kost geld. Wist ik ook niet. Ik dacht; je huurt een kraam, slacht wat kippen, plak een snor op, praat met harde dikke g en verft je haar pikzwart. Je gaat naar het parkeerterrein, gaat staan en verkoopt je traditioneel geslachtte kipfilets. Het schijnt toch anders te gaan. De gemeente moet meebetalen. En vooral mee-beslissen.
De met veel pijn en moeite aangetrokken winkeliers in het vienikswinkelcentrum zitten ook niet te wachten op één dag kostenderving: het is al moeilijk genoeg om rond te komen. En zeker als ‘Don’ Albert Heijn zijn veto erover uitspreekt, kunnen alle vieniksbewoners op hun achterste benen gaan staan: de week markt komt er niet.

Een weekmarkt kan pas als een dorpskern volwassen is geworden. De vieniks is nog een jong wild veulen dat hier en daar getemd moet worden. De week markt is voor een suffe ingeslapen streek, waar de consument enthousiast wordt van exoten die een keer in de week langskomen.

Afgelopen dinsdag lag hij (of zij) daar tegen het heuveltje van rotonde 8. Met de helm in het gras had deze enthousiaste scooterjongen (of meisje) iets te enthousiast de rotonde willen nemen. Of had bus 5 een tikkie uitgedeelt, ik weet het niet.
De bussschauffeur had liefdevol zijn patchwork dekentje over de ongelukkige jongeling gelegd, de bouwvakkers bouwden door, de chauffeur van de groten stenen auto reed rakelings langs het slachtoffer. Immers, de Pyloon moet af. De bouwmaffia wacht op niemand.
Na ongeveer 10 tot 15 minuten stond daar de ambulance: hij had het weten te vinden.

Als er gekozen zou moeten worden, zou ik kiezen voor een snellere bereikbaarheid van brandweer, politie en ambulance diensten. Dat duurt nog altijd veel te lang in de vieniks. Die weekmarkt komt er wel: wanneer alles ingeslapen is en een jaar lang het bordje ‘te koop’ op minder dan 20% van de woningen geplakt staat.

de tank is leeg

Jaren geleden is besloten tot sluiting van vliegbasis Soesterberg. In feite de eerste stap tot de gehele ontmanteling van ‘s lands krijgsmacht. Of dat erg is, of jammer; de tijd zal het leren. Maar dat de vliegbasis is verdwenen vind ik jammer. Op de fiets naar de luchtmachtdagen op die warme zomerdagen. De nabrander van de Phantom die in je maag donderde. De Red Arrows. Ik zag, hoorde en rook daar voor het eerst het allermooiste vliegtuig ooit gebouwd: de DC-3. Dit komt nooit meer terug.

Met het sluiten van vliegbasis Soesterberg verdwijnt ook de bakermat van de Nederlandse Luchtmacht. Daar is het allemaal begonnen, in 1913, met een simpele dubbeldekker, later iets geavanceerder met een machinepistool. Maar toch, een stuk historie is aan het verdwenen en een gedeelte wordt ‘teruggegeven aan de natuur’. Zolang dat duurt natuurlijk, lokale machthebbers ruiken geld, worden omgekocht door bouwbedrijven en in no-time zullen daar wel luxe, dure onverkoopbare villa’s verschijnen.

De kastanjeboom die verdwijnt uit de tuin achter het Achterhuis, het lijkt er niets mee te maken te hebben, maar toch; toeval bestaat niet. Weer een ijkpunt die wegvalt, letterlijk en figuurlijk

En nu moet het leger bezuinigen, niet met één tank, maar alle tanks gaan eruit. Dat vult mij met weemoed: de vertrouwde tank verdwijnt uit het straatbeeld. Het ronkende geluid. De stofwolken op de Leusderheide. De waarschuwingsborden voor rondvliegende kogels: het kan allemaal weg. De tanks kunnen naar het cavalerie museum hier om de hoek. Die stalen rossen kunnen we daar nog eens bekijken, betasten en ruiken.

De hotemoten (Dikkie Berlijn bijvoorbeeld) van het leger zijn er tevreden mee: we moeten een compact leger hebben die snel internationaal inzetbaar is. Hier komt immers geen oorlog meer, toch? En de duizenden ex-militairen, wie weet kunnen die aan de slag bij de politie of in de zorg: het stokpaardje van de nationaal socialistische partijen vvd en pvv (gedoogd door cda).
De vliegtuigen en boten worden, hoe oud ze ook zijn, worden verkocht aan het buitenland, dat geeft een mooie buffer voor het afkopen van een sociaal plan. Eén helikopter, een Lynx, zal niet verkocht kunnen worden: die staat nog altijd op het strand van Sirte in Libië.

En zo worden langzaamaan alle oude vertrouwde waarden weggesneden, opgeheven of weggevaagd. Zijn wij dan eindelijk een moderne samenleving geworden? Compact en gelukkig? Het duurt dan wel tweeduizend en elf jaar, maar dan heb je ook wat.