verlenging (2)
“Twintig mille is een hoop geld,” ging Dave verder, “twintig mille dat in je lekkere neusje verdwenen is.”
Natuurlijk was het lastiger aan geld te komen, sinds pappa de geldkraan had dichtgedraaid. Hij wil geen full time junk in de familie riep hij door de telefoon. Dat was een hele poos geleden. Suus was zo kwaad geworden dat ze die avond volledig volsnoof en bijna doodging.
Ze rilde aan die herinnering.
Dave pakte het pistool en langzaam bracht hij het omhoog. De loop richting haar gezicht.
“een gaatje in je kop, meissie, het spijt me,” zijn stem was zacht met enig medelijden.
De kamer was niet groot. Het zou simpel zijn. Haar omleggen en vertrekken. Verder geen familie of vrienden meer. Eitje, geen spijt, geen compassie. Ze was niks voor hem.
Dave keek op omdat de deur openging. Een jongedame kwam binnen. Suus keek om en kneep haar ogen samen om te zien wie er binnenkwam.
“Ik zou die gun maar even wegleggen, mannetje,” haar stem was sterk, hard en resoluut.
“Yvonne!” Suus riep de naam uit.
Dave keek naar de twee vrouwen. Snapte niet wie er binnenkwam
“Ja Yvonne, Suzanne, je zus en ik kom even orde op zaken stellen met deze slappe zak.”
“beetje chill jij ja,” Dave probeerde zijn stoere houding te herpakken maar was behoorlijk van zijn apropos gebracht door deze onverwachte wending.
Voordat hij het wist wees een klein pistool in zijn richting. Yvonne hield deze vast.
“Ik neem haar mee, levend wel te begrijpen, en jij, jij zal er iets langer over doen om ons te kunnen vinden.” Ze haalde de trekker over en een kogel doorboorde zijn schouder.
Dave viel met zijn stoel achterover op de grond, twee korte geluidjes volgden en een stekende allesoverheersende pijn schoot in zijn knieën.
“Het liefst zou ik ook nog je pik eraf knallen, maar dat komt de volgende keer misschien wel,” wijdbeens stond ze tegenover hem en met enig fantasie was de rook uit de loop van het pistool nog te zien.
“Godverdommese bitch, hoer, kutwijf,” Dave krijste het uit van pijn en hield zijn knieën met een pijnlijke blik vast.
“Kom, we gaan,” Yvonne pakte Suzanne beet en trok haar uit de stoel. Ze keek haar in de ogen. Een junk, zonder enige weerstand en veder licht. Wat een wereld. Dacht Yvonne.
Ze sloeg een arm om de middel van haar zus en trok haar mee naar mee.
“Heb je nog iets wat je mee wilt nemen, kleren, schoenen?” Suzanne schudde haar hoofd, eigenlijk had ze helemaal niets.
Buiten stond een auto te wachten.
“Vandaag heb ik aan alles gedacht,” fluisterde Yvonne in haar oor terwijl ze de riem vastmaakte.
Toen ze de auto de hoek omreed keken ze elkaar even aan.
“Ben je er klaar voor?” vroeg Yvonne.
“Ik weet niet voor wat?” antwoordde Suzanne onzeker en zachtjes
“Ik ook niet, maar slechter kan het niet worden,” lachte de stoere vrouw aan het stuur.
“Tering, ik sta nog stijf van de andrenaline,” Yvonne was nog niet tot rust gekomen, “ik moet er niet aan wennen, dit is nog beter dan… dan.. nou ja… whatever.”
De snelweg zweefde aan hen voorbij. Suzanne keek naar buiten en zag in de verte alleen maar lichtjes van de huizen in de verte. Het was al aardedonker buiten.
“Waar gaan we heen?” vroeg ze na een tijd.
“Dat vertel ik je wel als we er zijn,” Yvonne knipoogde, “vertrouw me maar, het komt goed. We hebben veel te doen.”
“Dankjewel,”
“Graag gedaan meid, het kostte wel wat moeite om je euh te vinden.”
“Sorry, maar waarom?”
“Pappa wil ons zien, ik denk dat hij wat wil vertellen.”
“Ik dacht dat hij mij niet meer wilde zien, laat staan kennen.”
“Dan begrijp je wel de ernst van de situatie, Suzie.”
“Lang geleden dat iemand mij Suzie noemde.”
“Dat geloof ik.”
Suzanne leunde naar achter. Ze was moe. De energie was met grote stappen verbruikt.
“Ik wil een shot.”
“Pech, wijffie, je zult het zonder moeten doen.”
“Ik kan het niet overleven, weet je dat?”
“Gelul, je hebt mij, schat,” Yvonne keek haar aan. Weer zag ze die vastberaden blik in haar ogen.
Ze zuchtte diep, legde haar dunne magere vingers op haar benen. Ze voelde haar botten en sloot haar ogen.
Het was zwarter dan zwart. Ze schakelde haar gedachten uit en gleed van een grote glijbaan. Ze keek omlaag, maar zag niets, maar haar haren wapperden in de wind.
Ze liet het los. Het kon nu niet meer fout gaan.
