groeten van tessa
Het restaurant glinstert in haar ogen.
“Grappig dat zoiets als internet mensen weer bij elkaar brengt,” ze lacht.
“Het schijnt vaker te gebeuren,” ik pak het glas wijn en neem een slok. Geen al te beste kwaliteit, jammer.
“Het is voor het eerst in twee jaar dat ik weer eens buiten de deur eet,” ze ratelt door. Ik lach.
“Toen kon je ook je mond niet houden,” glimlach ik.
Ze bloost: “ik ben zenuwachtig, toen ook, sommige eigenschappen veranderen niet.”
De avond is licht, de straten in de warme stad kleuren avondrood. De lucht is zwanger van verlangen.
“Nog één wijntje, voor je weer gaat,” ze haalt me over en schenkt mij een dieprode Merlot in. Goedgevonden.
“Ben je gelukkig?” vraag ik.
“Een huwelijk minder en twee kinderen rijker, ach,” ze glimlacht.
De bank is niet al te groot en haar jeans strelen de mijne. Ze legt haar hand op mijn dij.
Knijpt zachtjes.
“En de liefde?” vraag ik verder.
Ze beweegt haar hoofd lichtjes en zucht.
“Vraagt iedereen,” haar ogen sluiten zich. Ze denkt na over het vervolg.
“Weet je, ik ben nog erg kwaad al lijkt het eeuwen geleden.” Haar stem klinkt schor.
Mijn vingers strelen haar haar. Knetter knetter.
“Als je beste vriendin er met je vent vandoor gaat, dan ben je er even klaar mee,” haar ogen kijken naar mij.
“Toen had ik je niet moeten laten gaan,” zij zegt het. Ik denk het.
Langzaam buigt ze zich naar mij toe. Mijn lippen kussen haar nek.
“Je ruikt nog altijd even prettig,” mijn stem klinkt hijgerig.
“Ik wilde niet teveel veranderen, voor vandaag,” lacht ze.
Haar mond raakt de mijne. Mijn hand glijdt achter haar nek.
“Jij hebt een vriendin.”
“Is dat jouw probleem?” Mijn hand glijdt in de hare.
Ze kijkt me aan, weer die blik. Karakteristiek zou je kunnen zeggen. Ze staat op, trekt mij mee uit de veel te zachte bank.
Ik volg haar. Zoals altijd en ook zo lang geleden. Het hoofd mistig van opwinding.
(..)
“Fijn dat je er bent,” haar silhouette tekent zich af tegen de nachtelijke verlichting.
“Dat vind ik nu ook,” glimlach ik zachtjes terug.
“Nog altijd die flauwe grapjes,” het bed kraakt zachtjes.
Schimmen op het plafond.
Alsof ik nooit weg geweest ben.
