Torrenuova (1)
Voorzichtig opende hij zijn ogen. Het felle zonlicht roosterde zijn broze hersenen. Zo leek het. Moeizaam kwamen zijn oogleden omhoog en een zijn hoofd voelde als een klomp oud ijzer.
Het weekend was weer geheel uit de hand gelopen, kreunend draaide hij zich om.
Een voor hem onbekende geur bereikte zijn neus. Hij keek zijn kamer rond en zag een halfnaakte jongedame zich aankleden.
Ze liep op hem af, kuste zijn mond. Warm, zacht. Haar tong streelde zijn droge lippen.
“Goedemiddag, liefje,” fluisterde ze, “Ik moet weer gaan, maar het was geweldig van het weekend.” Hij zag hoe ze haar jeans over haar gespierde benen trok, over haar billen. Haar T-shirt, fel rood, met groene strepen benadrukten haar goedgevormde lichaam.
Te moe, te verdoofd was hij om er iets van te zeggen. De zoete geur van vrouw in zijn huis was hem vreemd.
“Ik laat mezelf wel uit, Sven, we bellen, mailen, hyven, whatever!” riep ze vrolijk toen ze de slaapkamer uitliep.
Mijn God, dacht hij, wie was dat? Hoe kwam ze bij mij? Hij duwde zijn lichaam omhoog en zijn hoofd tolde. Misselijk was nog een te lief woord voor hoe hij zich nu voelde.
Onder de koude douche kwamen zijn gedachten weer enigszins tot leven. Een lange diepe kotsbeurt in het toilet was noodzakelijk, maar het was dan ook een noodgeval.
Een uur later smaakte het gebakken eitje en de dampende koffie hem prima en zag de wereld er een stuk rooskleuriger uit.
Zijn kamer zag er niet uit. Het leek wel of hij een maand niet had opgeruimd, terwijl hij toch redelijk dwangmatig zijn huis op orde hield. Op de bank vond hij iets wat hij al tijden niet meer in het huis had kunnen ontdekken: een bh.
Een papiertje op de televisie kon hij niet missen: “tot gauw, S.”
Geen idee wie dat is, dacht hij.
In de supermarkt bedacht hij dat er meer mensen deze tijd vrij hadden. Feestdagen, zucht. Zijn GSM lichtte op. Een sms.
“hoop je snel weer te zien, ik gloei nog! XXX S”.
Hij keek om zich heen, want het werd nu wel een beetje eng. Geen idee wie dat was, nog steeds niet.
Snel bracht hij de boodschappen thuis en liep naar het politiebureau. Zijn beste vriend Peter zal hem wel verder helpen met het nul zes nummer. Hij heeft natuurlijk toegang tot alles dus zou hij in no-time kunnen achterhalen wie deze onbekende jongedame was.
“Hee jij, kun jij dit nul zesje opsnorren in je computertje,” zei Sven op het moment hij Peter zag.
“Altijd vriendelijk he, die Sven, hoe is het ouwe pik?” Peter stak zijn hand uit en ze omhelsden elkaar.
“Goed jongen, maar van het weekend met een leuke meid gepraat, maar weet niet waar ze woont of hoe ze heet,” loog Sven een beetje.”Ja ja, jij en vrouwen, pffff, geef eens hier,” Peter pakte het papiertje en typte het nummer op zijn toetsenbord.Even kijkt hij naar zijn scherm en snel naar Sven en weer terug. Het leek of er iets was, dacht Sven.
“Niet te vinden,” was het antwoord.
“Hoe kan dat nou, er moet toch iets van zijn,” verbaasd keek hij naar het pc scherm
“Sven, met deze meid wil jij niets, maar dan ook niets te maken hebben,” sprak Peter stellig en hij keek Sven doordringend aan.
“Okay, als jij het zegt, vriend,” antwoordde Sven gedwee en wilde weglopen. Peter werd echter weg geroepen en dat gaf Sven een mogelijkheid om even op het scherm te kijken. Hij wist wel een beetje hoe die geheimzinnige politiecodes in elkaar staken.Er knipperde iets roods wat niet veel goeds beloofde. Zachtjes nam hij plaats op de stoel en keek naar het scherm; de woorden op het scherm zeiden genoeg.
Sanne van Dorp, 25 jaar, onder surveillance.
“Ja, Sven, sommige vrouwen, afblijven jongen,” Peter stond weer achter hem. Geschrokken stond Sven op en keek zijn vriend aan. “Sommige mensen, zijn echt de moeite niet waard, wil je weten waarom?”
Sven knikte.
“Okay, die Sanne is de dochter van Rien van Dorp, ook wel Ronkende Rinus genoemd, doet alles wat God verbiedt, hoeren, dope, wapenhandel. En die Sanne is zijn troonopvolgster. Bikkelharde tante. Jong en meedogenloos, maar wel universiteitje gedaan en gehaald.”
“Als wat, criminologe?” grapte Sven
“Nee, even kijken, euh Niet-westerse antropologie en daarnaast nog eens sociale economie. Nou, gevuld koppie.”
“Strafblad?”
“Heling, dealen, zelfs vrouwenhandel, verdacht van moord, het is me d’r eentje!” Peter’s wijsvinger ontbrak er nog maar net aan, dacht Sven.
“Getrouwd?”
Peter kijkt op, een spottende blik in zijn ogen.”Even kijken, nee, niets van dat alles, haar sexuele geaardheid staat hier als onbekend. Mmm, vreemd. Heb je haar geneukt?”
“Jezus, Peet.”
“Yeah, right, lekkere vent. In ieder geval, ze gaat om met alles wat maar crimineel is, denkt, ruikt, praat en doet. Wat moet ze van jou. Ergo, hoe ken je haar?”
“Tja, ik denk dat ik haar in cafe Hagesteijn ben tegengekomen.”
“Hagesteijn, wat moet jij daar? Blowen, dealen, jezelf verpatsen?”
Sven bloosde. Hagesteijn was inderdaad een bedenkelijke tent waar hij afgelopen weekend toevallig in verzeild raakte.
“Jij en vrouwen, haha,” hoofdschuddend ging Peter weer zitten en zette het scherm op zwart. Glimlachend keek hij om: “en nu wegwezen, casanova. En oppassen met die chick, da’s alleen maar trammelant.”
Buiten, waar de vrieskou zijn gezicht rood kleurde, bedacht hij zich geen moment.
(wordt vervolgd)
